Rijksmonument 525318
F.W. Braat's Koninklijke Stoomfabriek, Delft
Kantoorgebouw · gebouwd 1932 · Hooikade 13
Officiële omschrijving
Inleiding
KANTOOR- en FABRIEKSGEBOUW van 'F.W. Braat's Koninklijke Stoomfabriek van Werken in Zink en andere Metalen', gebouwd in de stijl van het Zakelijk Expressionisme naar een ontwerp van architect J. de Bie Leuveling Tjeenk uit 1932. De firma Braat legde zich toe op de fabricage van zinken bouwornamenten en kunstsmeedwerk in ijzer en, na de eeuwwisseling, vooral op ijzeren en stalen raamkozijnen. In het gebouw verwerkte de Bie Leuveling Tjeenk dan ook geen hout. De stalen ramen vormden het visitekaartje van het bedrijf. De kunstenaar Vilmos Húszàr ontwierp het gekleurde glas-in-lood in het trappenhuis. Tevens is in het trappenhuis een lift aangebracht, met een zeldzame, thans verboden, open ombouw.
In de jaren zeventig van de twintigste eeuw heeft het gebouw een kantoorbestemming gekregen, waarbij het interieur op onderdelen is verbouwd en waarbij de voorgevel volledig is gerenoveerd. Hierbij is de oorspronkelijke detaillering en materiaalgebruik teruggebracht. Aan de noordwestzijde maakt het pand aan de voorzijde onderdeel uit van de gevelwand aan de Hooikade, terwijl aan de noordoostzijde een geheel nieuwe, transparante hal is gebouwd. De noordoostgevel is zo grotendeels een binnengevel geworden, waarbij oorspronkelijke detaillering en materiaalgebruik nagenoeg behouden zijn. Voor het ontwerp van de raamwerkplaatsen achter de fabriek nodigde Braat J.A. Brinkman & L.C. Van der Vlugt in 1928-1930 uit. Met deze architecten had de fabriek in 1925 samengewerkt voor de bouw van de Van Nellefabriek te Rotterdam, waarvoor Braat de stalen pui leverde. De raamwerkplaatsen en de showroom aan de Engelsestraat van J.A.G. van der Steur uit 1915 zijn eind jaren tachtig gesloopt.
Omschrijving
Het kantoor- en fabrieksgebouw voegt zich in de vrijwel aaneengesloten gevelwand van de Hooikade. Het ligt aan het weidse 'waterplein' bij de samenkomst van Rijn-Schiekanaal en Delftse Schie, dat zich aan het einde van de negentiende eeuw ontwikkelde tot het industriele centrum van Delft.
Het gebouw heeft een samengestelde plattegrond, is geheel onderkelderd en heeft drie bouwlagen onder een plat dak. De derde bouwlaag is op te vatten als een U, met een korte en een lange vleugel die niet haaks op elkaar zijn gepositioneerd. Bij de tweede en nog meer bij de eerste bouwlaag is de U-vorm dichtgebouwd. De korte vleugel aan de voorzijde omvat de entree, de grote fabrieksruimten en in de tweede bouwlaag de directieruimten. In de langere vleugel aan de achterzijde is het trappenhuis met open lift aangebracht en verschillende fabrieks- en kantoorruimten. Het gebouw heeft een geheel houtloze constructie van gewapend beton, gele bakstenen met diep voegwerk en stalen vensters. De smalle verticale vensters met stalen roeden zijn diep in het gevelvlak geplaatst, waarmee de schaduwwerking is versterkt. Tevens zijn brede rechthoekige vensters juist in op zelfs voor het gevelvlak geplaatst om het niet dragende karakter van de gevel te benadrukken.
De asymmetrische voorgevel (oostzijde) telt drie bouwlagen, geplaatst op een kelderlaag, die voorzien is van een hardstenen plint. De derde bouwlaag is teruggelegen ten opzichte van de eerste twee bouwlagen. Overstekende lijsten vormen de gevelbekroningen.
De hoofdentree, waarvan de deuren gemoderniseerd zijn, is rechts van het midden ondergebracht in een risaliet. Boven de luifel van de entree bevindt zich het brede venster van de directeurskamer. Links van de risaliet is een smalle teruggelegen strook, met daarin de rondboogvormige toegang tot de kelder. In de tweede bouwlaag bevindt zich een acht-lichts venster. Rechts van de risaliet staan elf smalle vensters in beide bouwlagen.
De derde bouwlaag kent een vergelijkbare opbouw als de eerste twee bouwlagen, met dit verschil, dat de strook links van de risaliet verder teruggelegen is en de vensterstroken ter rechterzijde van de risaliet smaller en rijker in aantal zijn. Deze bouwlaag is voorzien van een ver overstekende betonnen luifel.
De asymmetrische achtergevel telt drie bouwlagen, voorzien van smalle diep geplaatste vensters. Geheel links, grenzend aan de recent gebouwde glazen entreehal van de GGD verspringt de hoogte van de gevel tot twee bouwlagen. Geheel rechts is iets teruggelegen een drie bouwlagen hoge verticale strook met abstract-geometrisch glas-in-lood aangebracht. Deze strook voorziet in de inval van daglicht in het trappenhuis.
De asymmetrische linker zijgevel grenst aan een smalle steeg, die de verbinding vormt tussen de Hooikade en het achterterrein. De linker zijgevel kent een gesloten karakter. Rechts in de eerste bouwlaag bevindt zich een venster met abstract-geometrisch glas-in-lood. Geheel links is de gevel voorzien van een afgeschuinde hoek.
De asymmetrische en verspringende rechter zijgevel grenst grotendeels aan belendende panden. De zijgevel van de lange vleugel grenst aan de hoge glazen serre. Deze serre is bevestigd aan de gevel zonder ingrijpende verbouwingen.
Het interieur is evenals het exterieur sober van aard. Betonnen kolommen en muren zijn voorzien van een lambrisering bestaande uit gele tegels. In het pand bevinden zich vele gave wanden van staal en glas. In het trappenhuis een stalen lift aangebracht, met open ombouw. De achterdeur in het trappenhuis kent een bijzonder systeem waardoor deze zowel als draaideur als klapdeur te gebruiken is.
Waardering
Het kantoor- en fabrieksgebouw is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische, architectuurhistorische en stedenbouwkundige waarde.
Het gebouw heeft cultuurhistorische waarde als een bijzondere uitdrukking van een specifieke functie namelijk een kantoor- en fabrieksgebouw van een bedrijf op het gebied van de productie van stalen vensters. Als zodanig is het tevens een goed voorbeeld van een ontwikkeling in de bouw van fabrieks- en kantoorgebouwen. Het object heeft architectuurhistorische waarde als een voorbeeld van een bouwstijl, als een representatief werk in het oeuvre van de architect J. de Bie Leuveling Tjeenk en vanwege de bijzondere materiaaltoepassing. Het industriele object heeft stedenbouwkundige waarde vanwege de bijzondere ligging aan de samenkomst van Rijn-Schiekanaal en Delftse Schie.
Het object is bovendien van belang vanwege de herkenbaarheid en de grote mate van gaafheid van de hoofdvorm en detaillering van de gevels en een op onderdelen gaaf interieur, waarbij de zeldzaamheid van de open ombouw van de lift benadrukt wordt.
Tekst: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE), Linked Data (CC BY 4.0). Overgenomen zonder wijzigingen.
Monumenten in de buurt
- De LiefdePakhuis ·146 m
- Woonhuis Kethelstraat 22Woonhuis ·149 m
- Werk-woonhuis Oude Delft 5Werk-woonhuis ·160 m
- Pand met lijstgevel later bepleisterdWoonhuis ·160 m
- Woonhuis Oude Delft 15Woonhuis ·163 m
- RoosbrugBrug ·179 m
- Woonhuis Oude Delft 21Woonhuis ·182 m
- Pand met gepleisterde lijstgevelWoonhuis ·204 m
Over deze plek
Postcode 2627 AB · open data van CBS, RVO, Kadaster en Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
Buurtprofiel
- Inwoners
- 55
- Huishoudens
- 45 · gemiddeld 1,2 personen
- Samenstelling
- 88,9% alleenstaand
- Leeftijd
- 15-25: 60% · 25-45: 10% · 45-65: 10% · 65+: 20%
- Woningen
- 25 · 50% koop, 50% huur
- Bouwperiode
- vooral vóór 1945 (60%) en 1985-1995 (40%)
- Gemiddelde WOZ-waarde
- € 348.000
- Gemiddeld verbruik per woning
- 910 m³ gas · 1.830 kWh stroom per jaar
Dichtstbijzijnde voorzieningen
- Supermarkt
- 900 m
- Huisarts
- 900 m
- Basisschool
- 1,3 km
- Kinderdagverblijf
- 900 m
- Treinstation
- 9,6 km
- Oprit snelweg
- 2 km
CBS 2024, deels 2023. Afgeronde aantallen per postcode; kleine aantallen zijn door CBS afgeschermd.
Fundering
Indicatief aandachtsgebied: kwetsbare ondergrond38,9% van de 18 panden in deze postcode is gebouwd vóór 1970; de ondergrond valt in de regio Zeekleigebied.
Panden van vóór 1970 hebben vaak een houten of ondiepe fundering. Op een ondergrond met beperkte draagkracht verdient de fundering daar aandacht.
Dit is een indicatie op postcodeniveau van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, geen oordeel over een afzonderlijk pand en geen garantie. Wie twijfelt, laat de fundering onderzoeken en vraagt de gemeente naar de lokale funderingskaart of bekende funderingsonderzoeken.
Uitleg over funderingsproblematiek (Kenniscentrum Aanpak Funderingsproblematiek)
Monumentstatus
- Op deze plek ligt een rijksmonument (nr. 525318) Aangewezen 21 mei 2002
Publiekrechtelijke beperkingen
- Rijksmonument of archeologisch monument · nr. 525318 Erfgoedwet: Afschrift inschrijving monument of archeologisch monument in rijksmonumentenregister door minister OCW · De Staat (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) · sinds 21 mei 2002
Binnen 15 meter van dit punt; het kan om een naastgelegen perceel gaan. De officiële stand per perceel staat bij het Kadaster.
Bronnen: CBS Postcode6-statistieken (CC BY 4.0) · RVO Indicatieve aandachtsgebieden funderingsproblematiek (publiek domein) · Kadaster Wkpb publiekrechtelijke beperkingen (CC BY 4.0) · Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, beschermde gebieden cultuurhistorie (CC BY 4.0) · via PDOK.